De 3-4-1-2-variant van Oranje

Gepubliceerd op 14 mei 2014 | Door Marco van der Heide | WK 2014

“We gaan natuurlijk een nieuw systeem spelen”, zei Joël Veltman. Zo ‘natuurlijk’ was dat voor de mensen thuis nog niet. Koeman had er mee geëxperimenteerd bij Feyenoord en Juventus werd dit seizoen kampioen met een vergelijkbare formatie. Maar Oranje in 5-3-2? Dat is op z’n minst een verrassing.

Inmiddels lijkt iedereen een mening over het systeem te hebben. Co Adriaanse sprak zich al uit als voorstander, vanwege de backs die de hele zijkant kunnen bestrijken, en de magische driehoek Sneijder-Van Persie-Robben. Ook Van Basten lijkt het een goed idee. “In defensief opzicht creëer je een blok van acht. Kom daar als tegenstander maar eens doorheen. Bovendien geef je je zelf legio mogelijkheden in de tegenaanval.”

Sceptici zijn er ook; VI-redacteur Taco van den Velde bijvoorbeeld. Volgens hem “is de identiteitscrisis van voetballand Nederland compleet” als Van Gaal inderdaad het systeem omgooit. Hij vindt het 5-3-2-systeem in alles tegengesteld aan waar het in de Hollandse School om draait, waardoor Nederland er haar voetbalopvatting mee verloochent.

Het 3-4-1-2-systeem

De term 5-3-2 is in feite wat verwarrend; het klinkt alsof het veel defensiever is dan 4-3-3, omdat er een aanvaller is ingewisseld voor een verdediger. Veltman legt uit dat dat niet per se zo is: “Ja, het zijn wat meer verdedigers, maar dat hoeft niet gelijk te betekenen dat je meer verdedigend gaat spelen.” Wie de 5-3-2-benaming hanteert, rekent de diepe backs als verdedigers. Eigenlijk is 3-4-1-2 een betere benaming voor het systeem. Dat is goed te zien in de tekening die Ronald Koeman ervan maakte in zijn masterclass in Studio Voetbal; een keeper, drie centrale verdedigers, twee diepe backs, twee controlerende middenvelders, een nummer tien en twee spitsen.

Belangrijkste verschillen met 4-3-3

Vergeleken met 4-3-3 met de punt naar voren blijft een zestal spelers (ongeveer) op dezelfde positie voetballen; de keeper, twee centrale verdedigers, twee controlerende middenvelders en de nummer tien. Dit zijn in illustratie 1 de spelers met een rode rand om de driehoek. De backs gaan dieper spelen, zoals in illustratie 2 te zien is. Om te verduidelijken wat er met de spitsen gebeurt, zijn daar namen aan toegevoegd. In illustratie 3 is te zien hoe Van Persie de linker- en Robben de rechteraanvaller wordt in een systeem met twee spitsen. Illustratie 4 laat zien hoe aanvaller Lens wordt ingeruild voor een extra centrumverdediger. Er spelen drie centrale verdedigers in plaats van twee, de backs staan een stuk offensiever opgesteld dan in het oude systeem en er staan twee centrale spitsen opgesteld in plaats van twee vleugelspelers en één centrale spits.

foto1foto2

foto3foto4

Heeft Oranje de spelers voor 3-4-1-2?

Er bestaan een hoop spelsystemen. Vroeger was het WM-systeem leidend, een 3-2-3-2, zoals dat nu zou heten. Engelsen zijn gewend om met twee spitsen te spelen, de Hollandse school gaat uit van drie aanvallers en in Spanje wordt veelal het middenveld versterkt, wat soms zelfs is doorgevoerd tot 4-6-0, een systeem zonder spitsen. De ene formatie is dan ook niet beter dan de andere, maar is afhankelijk van onder andere de kwaliteiten van de spelers. Hoe zit dat bij Oranje? Heeft het de spelers voor 3-4-1-2?

De centrumverdedigers
De defensie van Oranje is vaak aangestipt als zorgenkindje. Nederland beschikt niet over internationale topverdedigers en daarom krijgen onder meer Veltman, Rekik en Kongolo de kans zich in de basis te spelen. Je zou daarom kunnen zeggen dat het niet verstandig is om een verdediger extra op te stellen. Maar je kunt het ook van de andere kant bekijken; door drie centrale verdedigers op te stellen, ontlast je de zwakste linie door extra zekerheid in te bouwen. Vooral tegen twee spitsen kan dat uitkomst bieden, omdat er dan altijd rugdekking aanwezig is voor de twee mandekkers.

De opkomende backs
Zoals Jan van Halst hier uitlegt, zijn opkomende backs één van de speerpunten van de 3-4-1-2-variant. Zij kunnen hun aanvallende kwaliteiten kwijt door de gehele zijkant te bestrijken. Met Blind op links en Janmaat op rechts beschikt Nederland over zulke spelers. In het nieuwe systeem kunnen ze in hun kracht komen te spelen door veelal de aanval te kiezen. Bijkomend voordeel is dat de vleugelspelers de ruimte voor zich zullen bestrijken. In trainersjargon: ze komen er in plaats van er al te staan.

De controlerende middenvelders
Op de twee posities centraal voor de verdediging verandert er niet zoveel vergeleken met een 4-3-3-systeem (met de punt naar voren). Ook dan is er sprake van twee verdedigende middenvelders die in de rug spelen van een nummer tien. Wellicht is er iets eerder ruimte voor een meer voetballende speler op de plek van Nigel de Jong, omdat er achter hem extra zekerheid is ingebouwd in de vorm van een derde centrumverdediger.

De nummer tien
Het 3-4-1-2-systeem lijkt uitermate geschikt voor het opstellen van een creatieve middenvelder in de vorm van Sneijder of Van der Vaart. De nummer tien wordt in de rug ondersteund door zeven veldspelers in plaats van zes en zal daarom in verdedigend opzicht iets minder verantwoordelijkheid hoeven dragen, waardoor hij meer in zijn kracht kan spelen.

De spitsen
Nederland beschikt over twee absolute wereldtoppers, Van Persie en Robben. Op papier lijkt het geweldig ze samen in de spits op te stellen. Ze zijn ook complementair aan elkaar; Van Persie kan als technisch begaafd aanspeelpunt fungeren, terwijl Robben met zijn snelheid vaker de ruimte achter de vijandelijke defensie kan bespelen.

Twee belangrijke valkuilen

Zonder twijfel introduceren dus, zo’n nieuw systeem? Dat niet. Verschillende mensen in de voetballerij spraken zich er al tegen uit en dat is niet zonder reden.

Een gebrek aan automatismen
Voetbal valt en staat met automatismen. De meeste spelers zijn niet erg bekend met het 3-4-1-2-systeem en het zal daarom even zoeken zijn welke taken bij welke positie horen. Bovendien kan Oranje een maand voor de start van het WK pas voor het eerst in deze samenstelling oefenen. De opbouw van achteruit zal anders verlopen met drie centrumverdedigers, op het middenveld zal iets minder ruimte zijn en Robben en Van Persie hebben nooit eerder samengespeeld in een tweespitsensysteem.

Ook het druk zetten op de tegenstander zal anders verlopen. Cruijff zei al eens dat je met drie aanvallers in verdedigend opzicht een betere veldbezetting hebt. Speel je met twee spitsen, dan zijn de backs van de tegenstander namelijk vrij. Het zijn waarschijnlijk de diepe backs van Nederland (Janmaat op rechts en Blind op links) die dan zullen moeten doordekken op de backs van de tegenstander.

In de tekening hieronder is met stippellijnen aangegeven hoe dat waarschijnlijk in zijn werk zou gaan tegen Brazilië, mogelijke opponent in de achtste finale. (De opstelling van Brazilië is opgesteld zoals hier uitgewerkt is door zonalmarking.net, na de finale om de Confederations Cup tegen Spanje.) Zoals in de illustratie te zien is, moeten de verdedigers van Nederland in zo’n geval grote afstanden overbruggen. Blind dekt een heel eind door, de drie centrumverdedigers schuiven een eind op en Janmaat moet een heel eind naar binnen knijpen. Zoiets vergt training, kwaliteit en tactisch vernuft.

Illustratie 5: Een mogelijk scenario tegen Brazilië, waar Daley Blind moet doordekken, waardoor de centrumverdedigers en Janmaat op moeten schuiven.

Illustratie 5: Een mogelijk scenario tegen Brazilië, waar Daley Blind moet doordekken, waardoor de centrumverdedigers en Janmaat op moeten schuiven.

Breken met de vaderlandse voetbalopvatting
Een tweede bezwaar tegen het nieuwe systeem is er niet zozeer eentje op basis van verwachte prestaties. In Nederland heerst een cultuur waarin het resultaat simpelweg niet het enige is wat telt. Aanvallend voetbal, dat willen de mensen zien. Oranje oogstte absoluut lof op het WK in Zuid-Afrika, maar kritiek was er ook zeker. Op het harde spel van Nederland bijvoorbeeld, en het verdedigende blok van zes spelers.

Het 3-4-1-2-systeem is niet per se defensiever, maar strookt zeker niet met de Hollandse School. Vooral het gemis van echte vleugelspitsen springt daarbij in het oog, die met Robben en Lens toch zeker aanwezig zijn. Nederland is op de wereldranglijst afgezakt naar de vijftiende plaats en is hooguit een outsider voor de wereldtitel. Je kunt je daarom afvragen of het verstandig is de voetbalopvatting te verloochenen in plaats van strijdend en met eigen middelen ten onder te gaan.

Het eindoordeel

Gezien de specifieke kwaliteiten van de spelers zou een 3-4-1-2-systeem Nederland niet misstaan. Het zwakke centrum wordt verstevigd, de opkomende backs kunnen hun aanvallende intenties kwijt en Robben, Van Persie en Sneijder kunnen voorin voor een hoop gevaar zorgen.

Als Nederland in de oefencampagne in staat blijkt de vereiste tactische omzettingen onder de knie te krijgen, en als Van Gaal besluit dat niet de Hollandse School en de uitvoering ervan heilig zijn maar het resultaat, dan lijkt de 3-4-1-2-variant Nederland op het lijf geschreven.

Over de auteur

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *