‘Je moet schieten, anders kun je niet scoren’

Gepubliceerd op 20 september 2013 | Door Redactie | Buitenlands voetbal

‘Je moet schieten, anders kun je niet scoren’. Het is een beroemde uitspraak van voetbalgrootheid Johan Cruijff. Maar klopt hij eigenlijk? We zochten eerder uit dat Cristiano Ronaldo en Lionel Messi allebei gemiddeld vaker dan vijf keer per wedstrijd schieten. Geldt dit ook voor andere doelpuntenmakers in de beste competities in Europa? Hoe is de verhouding van schieten tot scoren? Wie hebben er minder schoten voor goals nodig en wie schieten juist heel veel?
In dit artikel wordt gebruik gemaakt van de statistieken van WhoScored uit het seizoen 2012/2013, aangezien in het huidige seizoen te weinig wedstrijden zijn gespeeld.

Lampard en Suaréz

We beginnen bij de Premier League, volgens velen de beste competitie ter wereld. We bekijken de verhouding van schieten tot scoren bij de elf spelers met de meeste doelpunten in het afgelopen jaar.

Tabel 1: Doelpunten en schoten Premier League

Tabel 1: Doelpunten en schoten Premier League (Statistieken van WhoScored)

Hoewel Robin van Persie afgelopen seizoen de topscorer van de Premier League was, maakte hij niet de meeste doelpunten per wedstrijd; alleen Luis Suaréz scoorde gemiddeld gezien vaker. De Uruguayaan schoot echter twee keer vaker per wedstrijd. Daarmee blijft hij Gareth Bale (vijf schoten per wedstrijd) ook nog voor. Daarmee is meteen de eerste stelling bewezen. De topscorers van de competitie, schieten gemiddeld het vaakst per wedstrijd. Van Persie, Bale en Suaréz scoorden allen vaker dan 0,6 keer per wedstrijd en ze schieten ook meer dan de anderen.

De meeste spitsen bivakkeren rond de drie schoten per wedstrijd. Van Persie haalt met bijna vier keer per wedstrijd nog het minst van de top-3 topscorers. Luis Suaréz valt enorm op. Hij scoort gemiddeld het vaakst, schiet het vaakst, maar heeft ook de meeste schoten voor een doelpunt nodig: maar liefst 8,14 per goal. Ook Lampard valt op. Hij scoort ongeveer eens per twee wedstrijden en heeft voor een goal gemiddeld maar 4,81 schoten nodig. Edin Dzeko schiet ook bijzonder weinig, maar 2,5 keer per wedstrijd; hij heeft echter wel veel schoten nodig voor een doelpunt. Van Persie heeft na Lampard de minste schoten (5,44) nodig om te scoren. Frank Lampard kan dus geweldig afwerken.

Van Ronaldo tot Postiga

Over naar La Liga, waar de twee grootste doelpuntenmachines van Europa rondlopen, te weten Cristiano Ronaldo en Lionel Messi, maar vorig seizoen ook Falcao en Negredo.

Tabel 2: Doelpunten en schoten Primera Division

Tabel 2: Doelpunten en schoten Primera Division (Statistieken van WhoScored)

Dat Messi en Ronaldo bovenaan zouden staan bij de factoren meeste doelpunten en meeste schoten per wedstrijd, is niet zo’n verrassing. Ze scoren gemiddeld één keer (Ronaldo) of vaker (Messi) per wedstrijd. Bovendien schieten ze als enigen in La Liga vaker dan 5 keer per wedstrijd. Er schuilt echter een interessantere statistiek in deze tabel. Helder Postiga, de speler die het minst vaak scoort per wedstrijd van de top-11 topscorers, heeft de meeste schoten nodig om te scoren. Kortom, hij kan het minst goed afwerken. In de Premier League kon Rickie Lambert statistisch gezien het slechtst afwerken, maar Gareth Bale en Suarez – de nummer drie en twee op de topscorerslijst van de divisie – hadden meer schoten nodig voor een doelpunt.

Bundesliga bewijst bewering

Het laatste vergelijkingsmateriaal: de Bundesliga. Lewandowski, Mandzukic en Kießling, stuk voor stuk topspitsen. Hoe doen zij het op het gebied van schieten en scoren?

Tabel 3: Doelpunten en schoten Bundesliga

Tabel 3: Doelpunten en schoten Bundesliga (Statistieken van WhoScored)

De Bundesliga bewijst de stelling opnieuw. De top vier van topscorers met de meeste doelpunten per wedstrijd, schiet ook het vaakst per wedstrijd. En de absolute topscorer, dus diegenen met de meeste doelpunten in de hele competitie, schiet het vaakst van iedereen. Lewandowski blijkt de beste afmaker. Hij heeft 4,16 schoten nodig om tot een doelpunt te komen. Verder blijkt Szalai een uitstekende goalgetter: slechts twee schoten per wedstrijd, toch dertien doelpunten in de hele competitie. De man met de minste doelpunten per wedstrijd, Rudnevs, schiet ook bijzonder weinig. Op het gebied van minste schoten hoeft hij maar één iemand voor zich te dulden. De slechtste afmaker is overigens Son Heung-Min: hij heeft bijna zeven schoten nodig voor een doelpunt.

Afmakers

Tot slot nog een overzicht van de slechtste én de beste afmakers uit de drie grootste competities. Je bent geneigd te zeggen Ronaldo en Messi, maar we kijken hier niet naar de meeste doelpunten per wedstrijd. De stelling dat je vaak moet schieten om te scoren is inmiddels wel bewezen, daarom kijken we naar de spelers die de minste schoten nodig hebben om een goal te maken. Dan hoef je natuurlijk nog niet perse de beste afmaker te zijn. Immers, een speler die uit alle hoeken en standen schiet, zal lager scoren op dit punt. Toch is dit een goede indicatie om te bepalen wie een goede afmaker is en wie niet.

Tabel 4: Topschutters in topcompetities

Tabel 4: Topschutters in topcompetities (Statistieken van WhoScored)

Higuain heeft dus de minste schoten nodig om tot een doelpunt te komen. Verder is de naam Messi opvallend; hij schiet ongelofelijk vaak per wedstrijd, zo’n vijf keer, maar dankzij zijn enorme hoeveelheid doelpunten scoort hij ook op dit lijstje goed. Ook opvallend is het groot aantal speler uit La Liga in dit lijstje. Alleen Lewandowski komt niet uit in de Spaanse competitie.

Tabel 5: Slechtste afmakers in topcompetities

Tabel 5: Slechtste afmakers in topcompetities (Statistieken van WhoScored)

Helder Postiga probeert het dus het vaakst zonder succes, net als Luis Suaréz. Rickie Lambert is de beste van de meest slechten, zou je zeggen. Het grote verschil is dat Rickie Lambert 2,8 keer per wedstrijd schiet en Luis Suaréz 5,7 keer. Het is een wonder dat Rickie Lambert geselecteerd is voor Engeland. In zijn vorm bij Norwich afgelopen seizoen zou hij op het WK in de groepsfase net één doelpuntje meepikken.

Conclusie

De uitspraak ‘Je moet schieten, anders kun je niet scoren’ klopt helemaal. In elke geteste competitie hebben de spelers met de meeste schoten per wedstrijd ook de meeste doelpunten per wedstrijd. Maar de spelers met de minste schoten per wedstrijd scoren niet altijd het minst vaak in een wedstrijd. Gonzalo Higuaín schiet bijvoorbeeld gemiddeld slechts twee keer per wedstrijd, maar heeft van alle onderzochte voetballers het minste aantal schoten nodig (3,51) om tot een doelpunt te komen. De vraag blijft wat knapper is: met heel weinig schoten 24 doelpunten (Lewandowski) maken, of met enorm veel schoten 34 goals scoren (Ronaldo).

Over de auteur

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *